Dag 27: Vroeg wakker natuurlijk, want camping. Om 7:30 de vlucht genomen naar de kust toe. Bestemming Cape Leeuwin, vlakbij Augusta. Leeuwin was de naam van het Nederlandse schip die hier in de 17e eeuw voor het eerst langs voer. Zo’n 150 jaar later ook weer de Engelsman Flinders (die kom je echt overal tegen), die zou het dan weer voor het eerst in kaart hebben gebracht, zeggen ze. Cape Leeuwin is het meest zuid-westelijke punt van Australië. Je kunt rechtstreeks naar Afrika of Antartica zwemmen zonder iets tegen te komen. Op deze kaap staat de bekende vuurtoren van Leeuwin.
In deze kuststreek van ongeveer 200km kan je ook heel veel grotten van leisteen tegen. Wij kozen om de Jewel Cave te bezoeken. Deze grotten zijn relatief jong. We kregen een rondleiding van een uur met leuke weetjes en ditjes en datjes. Zo heeft deze grot de op 2 langste rietje. Wat is dat nou weer? Nou, die hangt zo’n 5,4 meter lang te zijn vanaf het plafond. Per 100 jaar komt er ongeveer een centimeter bij. Zijn dus hele dunne soort stalactieten, maar dan super dun en hol van binnen, vandaar rietje. Bijzonder om te zien. Ook lekker koel zo’n 40m onder de grond, altijd tussen de 15-17 graden, met 100% luchtvochtigheid en een stuk minder zuurstof dan buiten. We kregen aan het einde ook een demo van de gids, hoe het voelt wanneer het licht uit gaat daar. Dat is echt bizar. 100% donker, geen enkel licht, kan nergens op focussen. Bovengronds is dat bijna niet na te bootsen. De gids deed het om te laten “zien” wat de eerste mensen ervaarden wanneer ze zo’n grot ontdekten.
In de middag aangekomen bij Hamelin Bay, daar gaan we kijken of we roggen kunnen spotten. Die zouden zich moeten bevinden bij de resten van de oude pier / jetty zeggen ze hier (1850-1920), die vroeger werd gebruikt om al het hout naar vnml Engeland te verschepen. Vijf uur later….. Nou die roggen (Stingrays) die zijn er, en hoe. Ze zwemmen gewoon bijna het strand op en zijn mega groot, met staart en al zo’n 2 meter lang en rond 1-1,5 meter breed. Erg mooi om te zien, langs de kust zijn ze aan het “minen”, of te wel ze slurpen op basis van een soort sonar de mogelijke eetbare zaken op en filteren er uit wat lekker en dus eetbaar is. Bijzonder om mee te maken, we hebben wel een uur staan kijken. De volgend ochtend om 7 uur ook nog even gekeken voordat we naar Margaret River vertrokken.





















